Roggen

Rajidae spp.


www.zeevruchtengids.org/nl/rog
  • Kustwateren van de noordoostelijke Atlantische Oceaan, van IJsland tot Noord-Afrika
  • Noordwestelijke Atlantische Oceaan
  • Baltische Zee
  • Middellandse Zee
  • Bodemsleepnet
  • Boomkor
  • Beug
  • Staand want

  • Nederlands
  • English
  • Français

Laatst bijgewerkt: december 2018

 

De groep van de roggen telt wereldwijd meer dan 650 soorten. In de Europese wateren zijn een twaalftal soorten roggen van commercieel belang. In de Belgische vismijnen wordt vooral stekelrog Raja clavata en blonde rog Raja brachyura aangevoerd. Stekelrog, grootoogrog Leucoraja naevus en gevlekte rog Raja montagui zijn de soorten die het meest worden aangeland en verkocht in de Franse vismijnen.

 

Roggen zijn, net als haaien, kraakbeenvissen. Ze leggen eieren om zich voort te planten. Na de paring neemt een inwendige bevruchting plaats. De vrouwtjes leggen hun eikapsels (in de orde van tien tot honderd) op de zeebodem, waar ze enkele maanden later uitkomen. Roggen worden hebben een lagere vruchtbaarheid dan andere mariene soorten.

 

 

Naast roggen uit de eigen aanvoer (1 060 ton in 2016), wordt in België ook nog eens 715 ton roggen ingevoerd, vnl. uit Ierland, het Verenigd koninkrijk, Frankrijk en Nederland. Een derde van de roggen uit import komt uit de Verenigde Staten en Canada.

 

 

 

 

Kwetsbare soorten
De lage voortplantingscapaciteit van roggen maakt hen zeer kwetsbaar voor de visserij.

 

Soorten met uitgeputte bestanden

Volgens de ICES zijn de volgende bestanden uitgeput:
• De bestanden van de vleet (Dipturus batis) in de Noordzee en in de wateren ten westen van de Britse Eilanden,
• De bestanden van witte rog (Rostroraja alba) in de wateren ten westen van de Britse Eilanden.

 

Kritische situatie

Terwijl in Frankrijk tussen 1970 en 1990 bij benadering 4 500 ton roggen per jaar gevangen werd in de Noordzee, bedraagt dit nu nog amper 1 000 ton. In België kende de aanvoer van roggen kort na WO II een piekwaarde van ongeveer 5 600 ton. Nu wordt nog maar een vijfde van die piek-oogsten aangeland (1 060 ton in 2016).

 

Bijvangsten

De verschillende soorten roggen worden nog al te vaak allemaal samen geregistreerd onder de algemene naam ‘roggen’, met als gevolg dat de internationale vangststatistieken weinig nauwkeurig zijn. Uit wetenschappelijke metingen echter weten we dat stekelrog en gevlekte rog de meest voorkomende soorten zijn in Europese wateren. Algemeen is de toestand van de belangrijkste stocks voor deze twee soorten sterk verbeterd, omdat de visserijdruk algemeen gedaald is en de milieuomstandigheden alsmaar gunstiger worden. ICES is dan ook van mening dat de vangsten voor sommige stocks van deze twee soorten mogen stijgen in 2017-2018 (nl. in de Keltische Zee, de Noordzee en de Golf van Biskaje); evenals de vangsten van golfrog in het Engels Kanaal en van grootoogrog in de ICES-zones West-Schotland, Keltische Zee en Golf van Biskaje.

 

Roggenvleugels

Van de meeste roggen worden enkel de goed ontwikkelde borstvinnen geconsumeerd. Dit vlezige deel wordt samengehouden door een kraakbeenachtig skelet. Roggenvleugels worden in de meeste gevallen gevild, vers of diepgevroren verhandeld. Roggen hebben geen nieren en geven snel een ammoniakgeur af. De precieze naam van de verkochte soort wordt zelden aangegeven. Aan de kust worden lokaal ook de wangen van roggen verkocht (‘roggebollen’).

 

 

 

TE ONTHOUDEN

  • In de Noordoost-Atlantische Oceaan is de toestand van de roggenbestanden zorgwekkend voor de meeste bestudeerde soorten, met uitzondering van de stekelrog Raja clavata en gevlekte rog Raja montagui die stijgende dichtheden vertoont.
  • Europa verbiedt het aanlanden van golfrog Raja undulata, witte rog Rostroraja alba en vleet Dipturus batis. Deze soorten worden beschouwd als uitgeput, met uitzondering van golfrog in het Engels Kanaal.
  • Omdat roggen biologisch gezien zeer fragiel zijn, is de aankoop van roggen uit Europese wateren te vermijden. Dit met uitzondering van stekelrog Raja clavata en gevlekte rog Raja montagui, die met mate kunnen gegeten worden, omdat hun stocks het almaar beter doen in Europese wateren. Wel op voorwaarde dat hun correcte Latijnse naam is aangegeven bij de aankoop.
  • Roggen uit de westelijke Atlantische Oceaan, die door de Amerikanen worden bevist, worden duurzaam beheerd met uitzondering van de sterrog Amblyraja radiata en de rozetrog Leucoraja garmani die overbevist zijn.

Wetenswaardigheden

Nieuwe reglementering

In 2009 kwam een nieuwe EU-reglementering in voege, met TAC’s en quota’s voor roggen en haaien. Zo mogen de roggen golfrog Raja undulata, witte rog Rostroraja alba en vleet Dipturus batis, en de haai zee-engel Squatina niet meer aan boord worden gehouden. Ze moeten zo snel als mogelijk terug worden gezet. De soorten die wel nog mogen gevangen worden moeten vanaf dan tot op soort geïdentificeerd worden en zo in het logboek van de visser worden ingeschreven.  Wetenschappelijke opvolging is aan de gang om het precieze niveau van biomassa van al deze soorten te evalueren.

 

De Amerikaanse stocks

Er leven zeven roggensoorten aan de noordoostelijke kust van de Verenigde Staten. Hun populaties nemen toe, vooral omdat hun belangrijkste predatoren – hamerhaaien – bijna zijn uitgestorven. Volgens de laatst beschikbare gegevens wordt de sterrog Amblyraja radiata er overbevist en heeft ze een verzwakte populatie. De populaties van de rozetrog Leucoraja garmani bevinden zich boven het MSY-niveau. Grote rog Dipturus laevis, winterrog Leucoraja ocellata, Canadese rog Leucoraja erinacea en witneusrog Raja eglanteria worden op een duurzame manier geëxploiteerd en kennen een goede paaibiomassa. De Amerikaanse gladde rog Malacoraja senta blijkt zeer gevoelig voor klimaatverandering (temperatuur en zuurtegraad van het water).